Fietstocht

652BCFF7-08BB-45C8-8FD2-385E1E086CD2

Twee jaar geleden startte ik mijn maand ouderschapsverlof met een geweldige fietstocht doorheen het Zoniënwoud om ergens te zuiden van Brussel een kadootje voor Tess te gaan oppikken dat ik had gekocht via een tweedehands-site.

Met dit in het achterhoofd, plus het feit dat X gisteren begon met een maandje ouderschapsverlof (tip: geen beter moment om te starten dan wanneer al je kinderen op kamp zijn) én we uitgenodigd waren voor een etentje in Namen, beslisten we er een sportief uitje van te maken. We rekenden op vijf uur fietsen (X had een route van 83 km uitgestippeld) en vertrokken om 7 uur ’s ochtends, om zeker op tijd in Jambes te zijn.

De rit door een ochtendlijk Zoniënwoud was fantastisch (ook al sloeg de GPS even tilt en deden we een paar extra rondjes), heerlijk rustig en ontspannend, en helemaal zoals ik me het herinnerde.

Toen reden we door het heuvelachtige Lasne. Niet alleen één van de rijkste gemeentes van dit land, maar mijns inziens ook één van de meest uitgestrekte. Het duurde eeuwen voor we erdoor geploeterd waren. Mijn ontspanningsbarometer zakte van 10 naar 3.

X spoorde mij aan een tandje bij te steken. Hij is nogal gesteld op de principiële beleefdheidsregel van “op tijd komen als je ergens bent uitgenodigd” en na drie uur en een half hadden we amper 45 kilometer op de teller (mijn schuld uiteraard, al vond ik wel dat het feit dat we nog niet één pauzetje hadden genomen er ook wel voor iets tussenzat).

We fietsten door tot in Cours Saint Etienne (de 50km-grens), waar we begonnen kibbelen en ik grootmoedig besliste de eer aan mezelf te houden. Ik liet X aan zijn (veel snellere) tempo alleen verder fietsen – en zou zelf het laatste stuk met de trein afleggen.

Ik fietste naar het meest nabije station, Limelette, waar geen treinen te bespeuren waren. Ik fietste richting Louvain-La-Neuve (zonder de tijdsdruk ging dat duidelijk vlotter) waar alle treinen waren vervangen door bussen. Ik fietste richting Ottignies (dat blijkbaar naast Limelette ligt) en bedacht ondertussen dat ik op deze manier net zo goed met X had kunnen doorfietsen en ongetwijfeld al in Gembloux had gezeten.

Eenmaal in een station met rijdende treinen, liet de treinbegeleider op het perron me doodleuk weten dat er geen fietsen meer bij mochten in de trein, en dat ik op een volgende moest wachten.

Ik haalde mijn schouders op, mega-corona-flexibel als ik tegenwoordig ben.

Vijf minuten later liet de treinbegeleider weten dat mijn fiets toch mee mocht. En ik dus ook.

Ik kroop op de trein en ontdekte dat de rit naar Namen een uur zou duren (in de plaats van 25 minuten), door werkzaamheden op het spoor. Om half twee kwam ik toe in Namen. X was daar al ruim een uur.

Ik fietste het laatste stukje richting Jambes en kwam iets voor 14 uur toe. Met vijf uur trappen in de benen, maar geen enkele zegeplaats om op te eisen.

Volgende keer beperk ik mezelf tot het Zoniënwoud en pak ik de kinderen mee. Dan mogen zij het tempo bepalen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s