Inschrijvingen

rosanne.png

De voorbije week was er heel wat te doen rond de uitkomst van de inschrijvingen voor het Nederlandstalig middelbaar onderwijs in Brussel. Meer dan 500 kinderen (dat is een kwart) kregen nog geen school toegewezen, inclusief dus twee vriendinnen van mijn oudste dochter, onder wie Rosanne.

Rosanne en haar gezin lieten zich niet kennen, en lieten strijdvaardig hun ongenoegen blijken, via radio en televisie (Karrewiet* en Bruzz).

De overheid – zo kennen we ze – suste op haar beurt de boze ouders, met nietszeggende (en weinig nauwkeurige) cijfers en weetjes: van “er zijn nog 132 niet-ingenomen plaatsen” tot “97% van de kinderen kreeg een school uit z’n top 3”, tot “de wachtlijsten zullen nog opschuiven want veel leerlingen schrijven zich later ook in in Vlaanderen”.

Dus?

Moeten wij onze kinderen opvoeden met een goeie dosis fatalisme, zodat ze vooral niet te veel hoop leren koesteren? Mogen wij niet kwaad zijn op dit systeem dat louter op cijfers focust en geen ruimte laat voor het menselijke aspect? Mogen wij niet veronderstellen dat er oplossingen bestaan om dit soort (zelfs al is het maar tijdelijke) drama’s te vermijden?

Met cijfers kan je veel kanten uit, en het uiteindelijke cijfer zal misschien inderdaad niet zo dramatisch hoog liggen als vandaag. Maar het gaat hier boven alles toch over de torenhoge (en nutteloze) stress en emoties die ermee gepaard gaan, de ‘menselijke’ kant zeg maar.

Als ouder ben je (vaak samen met je kind) meer dan een jaar bezig met de schoolkeuze: het bezoeken van scholen, het oplijsten en sorteren ervan, het maken van moeilijke keuzes. Vervolgens moet je je kind online aanmelden, en de scholen van je voorkeur opgeven, in orde van belangrijkheid. Daarna moet je nog eens anderhalve maand wachten tot een computeralgoritme jouw kind een nummertje geeft.

Anderhalve maand… Tegen dan zijn vele ouders op van de spanning. Heeft hun kind dan bovendien op D-Day nog niet eens een school, dan zijn ze woest (naast teleurgesteld, verdrietig, wanhopig en talloze andere onprettige emoties).

Nochtans zijn er volgens ons, ouders, legio oplossingen mogelijk (zonder het zelfs maar te hebben over de broodnodige nieuwe scholen).

Het Brusselse systeem moedigt aan om strategisch te kiezen. Als je op plaats 1 een populaire school zet, moet je op plaats 2 eigenlijk een minder populaire zetten. Want het nummer dat de computer aan je kind toewijst, behoud je voor alle scholen. Met een slecht nummer kom je dus niet aan de bak, tenzij je een berekende keuze maakt, die niks heeft te maken met je overtuiging enkel scholen te willen kiezen waarvan je denkt dat je kind zich er goed zal voelen. Daarom geven ook veel ouders maar 1 school op.

In een meer doordracht algoritme zou je al je keuzes eerlijk op kunnen geven. Per school krijg je een lotje. En je hoogst gerangschikte gunstige lotje krijg je automatisch toegewezen. Hoe meer scholen je opgeeft, hoe groter je kansen op een goeie keuze. Zo beloon je ook ouders die veel scholen opgeven.

Een andere (voor de hand liggende) oplossing is een gelijktijdige inschrijvingsperiode voor Brussel en Vlaanderen. Vandaag kan je eerst in Brussel inschrijven, en pas als die resultaten bekend zijn, is het de beurt aan de Vlaamse scholen. Daardoor wedden vele (vaak Vlaams-Brabantse) ouders op twee paarden: eerst in Brussel proberen, en dan in Vlaanderen.

Een centraal inschrijvingssysteem voor Vlaanderen en Brussel kan makkelijk komaf maken met deze dubbele inschrijvingen. Bovendien zou dit het voorkeursysteem optimaliseren, want mensen zijn dan verplicht keuzes te maken.

Als een centraal systeem niet lukt of iets is voor de lange baan, dan kan er voor gekozen worden om een voorrangssysteem in te voeren voor kinderen met een getuigschrift Lager Onderwijs van een Brusselse school. Dat gebeurt nu ook met de “Nederlandskundigen” voor wie een voorrangsregel van 55% geldt. Want waarom zouden mensen die ervoor kiezen in Brussel te wonen en er hun kinderen op te voeden, moeten verplicht worden elders een school te vinden?

En ten slotte: wanneer al die overspannen ouders uiteindelijk een e-mailtje krijgen met de resultaten, moet hun kind in alle omstandigheden een plaats worden aangeboden. Dat is dan misschien niet meteen de school van hun voorkeur, maar het is wel een onmiddellijke oplossing die heel wat van de stress kan wegnemen (in de plaats van kinderen nog maandenlang in hun onzekerheid te laten sudderen).

Een fatsoenlijk systeem, transparant en democratisch, waarin élk kind telt. Dat is wat wij, Brusselse ouders, wensen.

Is dat nu echt zo moeilijk?

 

* Luna in de lichtgroene jas voor de aandachtige kijker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s