Zut
Quotes van de week
De oma van Luna en Felix is sinds begin deze maand “met pensioen”.
“Zeg mam, kan jij maandag op de kindjes komen passen? Zolang ze koorts hebben, hou ik ze liever nog even thuis.”
“Mmmm. Sorry schat. Maandag heb ik twee vergaderingen in Brussel overdag, en ‘s avonds nog eentje in Gent. Maar anders graag hoor!”
Luna is een ingewikkelde theorie aan het uiteenzetten. En opeens hoor ik:
“Oei…zut!”
Ik kijk haar aan. “Wat zei jij daar?”
“Hihi. Ik zei….zut!”
Felix ziet de ontzetting op mijn gezicht, en wil niet achterblijven.
“Mama?”
“Ja?”
“FOEF!“
Slaapwandelen
En hoe ging het verder?
Wel, op vrijdag lagen wij dus alle drie samen in de zetel, genietend van de volledige Shaun The Sheep dvd-collectie, terwijl X prik en koekjes aanleverde (pffft dat had u gedacht, zo perfect is ie nu ook weer niet hoor). De zwaarste loodjes van onze luchtwegenlijke lijdensweg leken achter de rug.
Tot Felix vrijdagavond opnieuw hoge koortspieken scheerde.
De zwemles werd afgeblazen en ik kreeg nachtmerries over dodelijke longontstekingen, verstikkende kroepaanvallen en zelfs bacteriële meningitis. Het is ontzettend hoe hulpeloos een ouder wordt bij het aanzien van zijn zieke nageslacht, en dan kan zelfs de beste gezondheidszorg (of gewoon een geweldige dokter, hier in de straat) geen soelaas bieden. Gelukkig had ik net “Faim de Guerre” over Somalië bekeken, waarin een grootmoeder haar twee kleinkinderen verliest door een simpele diarree. Veel meer heeft een mens niet nodig om eens goed te relativeren.
De hoge koorts (39,8 graden) hield 24 uur aan en verdween zaterdagavond op wondere wijze. Behalve dus nog een ferme hoest (bij Felix), keelpijn (bij mij) en een loopneus (bij Luna) zagen wij zondag de nieuwe werkweek vol goede moed tegemoet. Wij hoopten ook voor het eerst in negen dagen op een nachtje doorslapen.
Toen staken we de thermometer nog eens tussen de billen van Luna.
En bleek ze wéér ziek te zijn (38,5°C).
En toen ging ze ook nog slaapwandelen.
En was de rust ook ‘s nachts weer ver te zoeken.
En dus hebben we nu ze allebei eventjes bij familie in Ukkel gedumpt. Zo kunnen zij daar in alle rust herstellen van alle mogelijke microben die zich nog in hun bloedbanen bevinden. En zo kunnen wij eindelijk weer wat slaap inhalen, zonder vrees Luna ‘s ochtends ergens bovenop een kast tegen te komen. Of onder haar bed. Of in de badkuip. Of zo.
Medicatie
Ziek
Maandagavond werd Felix ziek (bronchitis).
We hadden het al voelen aankomen. Zodra minstens drie onderbroken nachten elkaar opvolgen (met “onderbroken” bedoel ik uiteraard meer dan twee keer opstaan – alles wat daar onder valt, tellen we uit gewoonte niet mee), is dag vier er eentje met koorts en lusteloosheid. Ik bleef een dagje thuis om hem te verzorgen.
Dinsdagavond werd ik ziek (griep).
Dat hadden we niet voelen aankomen. Ik ben deze winter tegen mijn gewoonte in al een paar keer stevig ziek geweest, en rekende op iet of wat resistentie. Manou kwam op woensdag en donderdag om Felix en zijn mama te verzorgen.
Donderdagavond werd Luna ziek (voorlopig nog ongedefinieerde luchtweginfectie).
Dat ontdekten we ongeveer een half uur nadat X trots verklaard had dat zijn dochter zijn immuniteitsgenen geërfd had. X blijft morgen een dagje thuis om Felix, Luna en hun mama te verzorgen.
Het is nu gewoon wachten op het moment dat ook zijn geweldige immuniteitsgenen de strijd opgeven.
Maar we zullen niet glunderen. Echt niet.
Feestje
Net een verjaardagsfeestje achter de rug met 5 vijfjarigen, 1 vierjarige en 1 driejarige. Ze hadden net zo goed met 25 kunnen zijn, het verschil was miniem geweest.
Op voorhand weet je niet beter, en denk je dat je lijstje en je strikte timing voor spelletjes en eten zeker zullen volstaan. En die grote rode ballon met hartjes aan de voordeur. Universeel signaal voor keurig georganiseerde kleuterfeestjes.
En dan zijn ze daar plots. Allemaal tegelijk. Allemaal met een brede ikkom100%genietenglimlach op het gezicht.
Naar boven. Naar de kamer. Felix wordt gedegradeerd van “papa” tot “baby” zodra er zes moeders in de kamer zijn.
De stress! Doen ze elkaar geen pijn? Valt niemand van de trap af? Wie huilt er daar nu weer? Is iedereen tevreden? Doet niemand in z’n broek?
Waarom zijn er maar vijf prinsessenjurken in dit huis en geen zes? Aaaaah, lang leve het ballerinapak van Sinterklaas!
Hetzelfde met de bekers. Niet genoeg rozemeisjesbekers. Wie wil er alsjeblieft een groene? Of een gele? Of die met een lief keukenratje op? Alsjeblieft. Je bent geweldig!
Jij mag eerst geschminkt worden. En dan jij, jij, jij. Allemaal een blauw met roze vlinder. Jaja. Okee. Ja, jij bent laatst. Sorry. Natuurlijk Felix, jij hoeft geen vlinder te zijn. Tijger?
Wie wil er soesjes versieren? En de hele rist muffins (met chocolade en zonder) bewonderen?
Per twee bij X in de keuken. De rest speelt verstoppertje. Of zoiets.
De kaarsjes plok plok plok, in vijf muffins. Naar de tafel.
Begin je te zingen: “Lang zal ze leeeeve”.
Onderbreken ze je met hun eigen verjaardagslied. Iets moderner. Alle zeven uit volle borst (behalve ik, ik ken het niet. Moeder toch!)
Niemand raakt de soesjes met frambozenvulling aan (misschien omdat ze ze zelf versierd hebben?).
De muffins smaken beter.
Spelletjes! Met een lepel en een bolletje door de living. En dan gouden munten gaan zoeken. En zorgen dat iederéén gouden munten vindt. En dan blinddoeken. Neen, toch niet iedereen tegelijk. Per drie. Oei. Nee, die doet niet meer mee. Uitgeput. Nu pas.
Dansen! Wie doet mee??
Daar zijn de ouders alweer. Waar liggen die sokken? En dat rokje? Van wie is dit jasje? Verloren voorwerpen breng ik morgen mee naar school. Jaja. Geen zorgen.
En dan, bij het afscheid. Knal! “Dit was eigenlijk geen echt verjaardagsfeest!”
Drama. Hebben we gezondigd tegen de basisfundamenten van verjaardagspartijtjes voor vijfjarigen? Maar waar??? Waarom?
“Neen, want er was geen échte verjaardagstaart!”
23 muffins en 33 soesjes. Lolly’s, feesthoedjes en een kroon. Maar geen TAART.
Maandag
Volle maan én maandag: Luna’s vijfde verjaardag is voor 100 procent gelunaficeerd! Inmiddels brachten wij al een indrukwekkende 1826 dagen in elkaars gezelschap door (enkele buitenlandse reisjes en oma-vakanties en zo te na gelaten) en dat begint eindelijk wat op te leveren. Want één van de leukste dingen aan onze relatie tegenwoordig, is dat we elkaar heel goed beginnen kennen.
Ik weet van Luna dat ze:
- een heerlijk gek gevoel voor humor heeft geërfd en dus niet aarzelt om haar moeder een koekje van eigen deeg te geven: “…dat wéééét ik toch al, POEPIE!”
- heel lief en (een beetje) bedeesd kan zijn, maar ook lekker zot en volop genietend (bijvoorbeeld van kriebels op haar rug).
- op alle vlak te vertrouwen is (in tegenstelling tot het aapje Felix)
En zij weet van mij:
- donders goed wanneer ik serieus ben of gewoon aan ‘t plagen (de grens is niet voor iedereen altijd zo makkelijk te herkennen)
- dat – wanneer ik eens stevig doorzucht in de auto – dat is “omdat er weer iemand in de weg staat met zijn auto.”
- dat mijn rug altijd nat is van het zweten als ik met de fiets thuiskom van het werk: “Mama gaat eerst andere kleren aantrekken!”
Maar ons mooiste moment van de dag samen is voorleestijd, wanneer ze vermoeid met haar handjes door mijn en haar haren strijkt. Iets wat ze al doet sinds ze zes maanden oud is, en waar ze zonder tegenbericht nog een hele tijd mee door mag gaan.
Neanderthaler
Ze heeft het natuurlijk wel een beetje uitgelokt, die oma.
Je toont geen foto van een Neanderthaler aan je nog-net-geen-vijf-jarige kleindochter, om dan te vragen: “Wie is dat?”
Want dan krijg je antwoorden die je eigenlijk niet zocht.
“Opa Vogeltje!”, riep Luna enthousiast.
2012
Ik had het even lastig met de snelheid van de tijd, dit jaar. Op een gegeven moment voelde het aan alsof het om de twee dagen zaterdag was, en ik niet anders deed dan met de kinderen naar het zwembad trekken. Dit beknopte overzichtje (zwaarwichtige politieke en economische gebeurtenissen werden wegens plaatsgebrek achterwege gelaten) moet even de illusie wekken dat er wel degelijk een volledig jaar is voorbij geglipt.
In januari (Luna werd vier!) zijn we verhuisd naar het Gruishuis. En ja hoor, twaalf maanden later is het nog steeds een gruishuis. We lopen zelfs op de valreep de fiscale bonus voor dubbel glas mis (want net toen de nieuwe regering besliste dat ecologie en besparingen niet samen gaan, hadden wij onze eerste offerte binnen). Maar het goede nieuws is dat we eergisteren onze bouwaanvraag hebben ingediend.
In februari stierf onze geliefde Witte Oma, honderd jaar oud. De dood was een rode draad doorheen het hele jaar, zelfs in de hersenspinsels van mijn kroost. Dag Witte Oma, tante Paula, Roy, Arnoud, Theo, Tom, Valentin en z’n gezin, Philippe en Kace. En opa-vogeltje, elke dag opnieuw.
In maart ging een heel klein jongetje voor het eerst naar school. Volgens zijn juffen doet hij het geweldig, ook al brult hij ‘s ochtends nogal es regelmatig dat hij “NIET NAAR SCHOOL” wil. Behalve als het vakantie is natuurlijk. “Mamaaaaa, waarom is de school dicht?? Ik wil naar schooooooooooooool!”
In april was ik even uithuizig. Dat deed ferm deugd (vooral wat betreft het doorslapen).
In mei werd Luna Luni en gingen we naar de spoed (we hebben daar een abonnement), waar ze nog maar eens bewees hoe flink ze is als ze écht pijn heeft (in tegenstelling tot haar gebrul bij pijnlijke akkefietjes). Dat ze het van haar moeder heeft, zegt X. Humpfff.
Juni was de windpokkenmaand. Luna besmette drievierde van schoolgaand Schaarbeek (inclusief haar broer), en zorgde ervoor dat de helft van haar klasgenootjes de klasfoto niet haalde. Talloze papa’s zagen hun vaderdagkadootje bovendien aan hun neus voorbij gaan.
Juli was een kindvrije maand. En toen ze er wel eventjes was, leerde Luna in luttele minuten fietsen zonder wieltjes.
In augustus leerden we elkaar weer wat beter kennen op vakantie in Frankrijk. En daarna was ik plotsklaps een hele week alleen thuis. Zo maar!
Toen werd Felix drie (september) en brak hij zijn been (oktober). Niet eens door zijn eigen roekeloosheid, maar door die van z’n vader. ‘t Is maar dat het voor eeuwig gedrukt staat.
In november verdween de prachtige toekomst die ik voor mijn kinderen had weggelegd, maar werd ie vervangen door een ietwat realistischer tijdsbeeld en het besef dat je vooral niet te ver vooruit mag denken, wil je je mentale gezondheid in deze barre tijden enigszins in stand houden.
En in december ten slotte, vierden X en ik ons tienjarig bestaan, betrapten we Luna op heterdaad en gaf Felix zijn fopspeen probleemloos door aan de Sint.
We bereiden ons moedig voor op een onbekend 2012. Het enige dat ik wél al weet, is dat het een bijzonder vermoeiend jaar dreigt te worden. Felix wil namelijk geen middagdutjes meer doen.
Maria
Dit wist u vast nog niet over Maria…
Moeilijk
Quote van de dag
“Mamaaaa, ik mag van Luna niet meespelen!”
“Waarom is dat, Luna?”
“Maar mama, het is vééééééél te moeilijk voor Felix”
“Oei, wat speel je dan wel?”
“Met de barbie’s!”


